DNA repareren van patiënten met Syndroom van Alport

Nefroloog in opleiding Harm Siebe Spijker (LUMC) heeft een van de Kolffbeurzen gekregen voor zijn onderzoek naar een mogelijke gentherapie voor het Syndroom van Alport.

Het Syndroom van Alport is een erfelijke ziekte waar nog geen gerichte behandeling voor bestaat. Patiënten krijgen klachten aan hun nieren, oren en soms ogen. Uiteindelijk krijgen veel mensen nierfalen waarbij ze zijn aangewezen op een niertransplantatie of dialyse. Nefroloog in opleiding Siebe Spijker wil onderzoeken of het mogelijk is een therapie te ontwikkelen. De oorzaak van het Syndroom van Alport zit in een afwijking van een specifiek gen. De bedoeling is om de afwijking in het DNA te repareren.

Mininiertjes
Daarvoor kweekt hij in het laboratorium nierweefsel met stamcellen van patiënten met Alport. De patiënt hoeft alleen urine in te leveren. Uit urine is het namelijk mogelijk stamcellen te maken. Die cellen kunnen vervolgens alles worden, net als in een embryo, dus ook niercellen. Die cellen kunnen met een nieuwe techniek uitgroeien tot mininiertjes.

De mininiertjes die dan ontstaan hebben ook het Syndroom van Alport. Daarmee ontstaat een model om te onderzoek mee te doen zonder dat de patiënt daar last van heeft. Spijker gaat met CRISPR-Cas het DNA van het mininiertje aanpassen. Spijker: “De focus ligt op het technische gedeelte. De vraag is of je in het mininiertje het DNA kunt repareren. Maar ook of je dan ziet dat het membraan van het nierfiltertje – dat stuk is – beter wordt. Want je kunt het DNA wel repareren maar als de fout niet meer te herstellen is, heb je er niets aan.”

Regeneratieve geneeskunde
Deze studie verkent daarnaast de mogelijke toepassingen van nierorganoïden, een techniek die in 2015 door de Australische professor Melissa Little is bedacht. Spijker vertelt: “Het regeneratieve gedeelte kan van belang zijn voor iedereen die een transplantatie nodig heeft. Voor de toekomst is dat natuurlijk het doel aan de horizon. Maar dat heeft nog wel even tijd nodig. Het modelleren van ziektes in het gekweekte nierweefsel kunnen we echter nu al. En we kunnen dat ook gebruiken zonder dat je de patiënt ermee lastigvalt.”

Mogelijk hebben ook nierpatiënten met andere genetische ziektes hier iets aan. “Er zijn beste veel zeldzame nierziektes, in totaal gaat het om veel patiënten. Als je een platform hebt, kun je dit ook bij andere ziektes gebruiken.” Het Syndroom van Alport is volgens Spijker geschikt om mee te beginnen omdat het precies duidelijk is waar in het DNA de afwijking zit.

Dit is de eerste stap richting een gentherapie die het DNA op de juiste plek in de patiënt kan veranderen. Daardoor zouden ze uiteindelijk niet meer afhankelijk worden van dialyse of transplantatie. Spijker relativeert: “Er zitten altijd veel haken en ogen aan dit soort onderzoek. Het is risicovol want het is allemaal nieuw, maar dat is ook wel de uitdaging. Ik hoop dat we kunnen laten zien dat het werkt in de mininiertjes, dan is de volgende stap om te kijken of we dit naar de patiënt kunnen brengen.”

Siebe Spijker ontvangt 225.000 euro subsidie van de Nierstichting voor zijn onderzoek, dat 4 jaar gaat lopen.