Patrick

‘Ik ben bang dat ik mijn jongens niet zie opgroeien’
Patrick van der Linde is vader van twee jonge kinderen. Vanaf zijn zeventiende is hij nierpatiënt, hij onderging twee niertransplantaties. Sinds zijn laatste donornier er in 2017 mee ophield, dialyseert Patrick om in leven te blijven. Een zeldzame antistof in zijn lijf maakt de kans op een nieuwe donornier bijzonder klein. ‘Naar de toekomst kijken durf ik niet.’

Door zijn nierziekte en dialysebehandelingen brokkelt het lichaam van Patrick ieder dag een stukje verder af. De kracht om een potje appelmoes open te draaien, is hem inmiddels ontnomen. De jonge vader ziet zijn toekomst somber in. Want door de specifieke antistof is het vinden van een nieuwe donornier kansarmer dan zoeken naar een speld in een hooiberg. De liefde voor zijn vrouw en kinderen geeft hem de wilskracht vol te houden.

Impact op het vaderschap
Patrick heeft twee jonge zoons waar hij veel van houdt. Van het vaderschap, zoals hij zich dit voorstelde, is door zijn nierziekte weinig overgebleven. ‘Ik wil zo graag een goede vader zijn, met mijn jongens kunnen voetballen. Ze optillen of met ze fietsen. Die kracht heb ik niet. Doordat ik al zo lang dialyseer, kreeg ook mijn hart een klap. In plaats van een fitte, jonge vader ben ik een wrak op de bank. Daar heb ik het heel moeilijk mee.’ Voor zijn dialyse moet Patrick drie keer per week naar het ziekenhuis. ‘Daar zit ik urenlang. Ik zou er veel voor over hebben om dit thuis te kunnen doen, bij mijn gezin.’

Leren overleven
Hij was zeventien toen Patrick hoorde dat hij lijdt aan het nefrotisch syndroom: een ernstige nierziekte, waardoor hij niet veel later aan de dialyse moest om te blijven leven. ‘Ik hield van sporten, vooral voetballen deed ik graag. Daar moest ik vrijwel meteen mee stoppen, de puf had ik niet meer. Ineens was het voor mij allemaal afgelopen; van een actieve, jonge gozer naar een kwetsbare nierpatiënt. Dat is heel heftig, vooral als je zo jong bent. Toch moest ik met mijn ziekte leren leven, of beter gezegd leren overleven.’

Weinig hoop

Patrick ontving een donornier van zijn oma, maar al na een jaar stootte zijn lichaam de nier af. Twee jaar later werd  hij opnieuw getransplanteerd met een nier van zijn moeder. Door gebrek aan de zeldzame antistof in de donornier, ontwikkelde de ziekte zich opnieuw in de nier. Waardoor Patrick inmiddels weer afhankelijk is van dialyse. Zijn hoop op een geschikte donor is klein. ‘Er zijn inmiddels 13 mensen getest, geen van allen matchen.’ Ongeveer 1 op de 25.000 mensen bezit de specifieke stof die nodig is om Patrick te kunnen transplanteren. 

Sterk zijn
‘Na een dialysebehandeling voel ik me leeggezogen, als een natte doek die helemaal uitgewrongen is,  ga ik naar huis. De kracht is uit mijn lichaam verdwenen, ik ben altijd moe. Mijn conditie bouwt zich niet meer op. Ik brokkel af. Toch probeer ik sterk te zijn, en door te gaan. Voor mijn vrouw en voor mijn twee jongens, waarmee ik zo graag oud wil worden. Ik hoop dat de draagbare kunstnier er snel komt. Ik kan dan bij mijn liefsten zijn als ik moet dialyseren en zelf bepalen wanneer ik dit doe. Tot hopelijk dat ene lot uit de loterij mij gegund is, een donor met de antistof die mij mijn leven teruggeeft.’