‘Via mijn werk in de zorg ontmoette ik dialysepatiënten en zag ik wat nierschade met een mens doet. Dat bracht mij op het idee een nier aan een onbekende te doneren.
Ik dacht: Ik heb er misschien even last van, maar iemand anders heeft er waarschijnlijk jarenlang plezier van. En belangrijker nog: met een nierdonatie kan ik iemands leven beter maken of zelfs redden. Iets wat eerder, bij mijn eigen broer, niet mogelijk bleek: hij is aan kanker overleden.’




