Selecteer de tekst die je wilt vertalen en kies 'Vertalen'. Kies vervolgens de gewenste taal. Je kunt de vertaalde tekst beluisteren of lezen.

Dieet bij chronische nierschade én diabetes

Laatste update, 26 februari 2026

Veel mensen met chronische nierschade hebben ook diabetes. Net als bij nierschade is het bij diabetes belangrijk om op de voeding te letten. Goede voeding kan helpen om zo gezond mogelijk te blijven.

In het kort

  • Ruim 1 op de 4 mensen met diabetes heeft chronische nierschade.
  • Gezond en regelmatig eten kan helpen om bloedglucose stabiel te houden en je beter te voelen.
  • Gezonde voeding kan ook het risico op hart- en vaatziekten kleiner maken.
  • Het advies is om minder zout te eten en goed te letten op koolhydraten.
  • Soms krijg je advies om minder eiwit te eten en kan de dosis insuline worden aangepast.

Door diabetes kan chronische nierschade ontstaan. Dit heet diabetische nefropathie, en komt veel voor. Ruim 1 op de 4 mensen met diabetes heeft chronische nierschade.

Gezond en regelmatig eten

Vanwege de diabetes krijg je het advies om gezond en regelmatig te eten. Dit zorgt ervoor dat de glucosewaarde (suikerwaarde) niet te veel schommelt. Je voelt je dan beter en voorkomt dat er nieuwe klachten ontstaan.

Gezonde voeding helpt ook om het risico op hart- en vaatziekten zo klein mogelijk te houden. Door zowel de nierschade als de diabetes is het risico namelijk al verhoogd.

Ook bij nierschade is gezonde voeding belangrijk. Door het risico op hart- en vaatziekten, en ook omdat je er bepaalde klachten mee kunt voorkomen of verminderen. Ook kan gezonde voeding ervoor zorgen dat de werking van de nieren minder snel achteruitgaat.

Minder zout eten

Let goed op het zout in je voeding. Als je te veel zout gebruikt, gaat de bloeddruk omhoog. Daardoor kan de nierschade verergeren. Ook neemt het risico op hart- en vaatziekten toe.

Veel mensen met diabetes hebben al hoge bloeddruk en krijgen daar medicijnen voor. Deze medicijnen werken minder goed wanneer je te veel zout eet. Daarom is dit advies extra belangrijk voor mensen met nierschade én diabetes.

Koolhydraten en eiwitten

Bij diabetes gaat het om de koolhydraten in de voeding. Door koolhydraten stijgt de glucose namelijk. Het is beter als dit niet te snel gebeurt.

Er kunnen pieken ontstaan als je veel snelle koolhydraten eet. Dit zijn koolhydraten die snel in het bloed worden opgenomen. Snelle koolhydraten zitten onder meer in koek, snoep, vruchtensap, frisdrank en thee/koffie met suiker. Kies liever voor voeding met langzame koolhydraten. Die zitten onder meer in volkorenproducten, groenten en fruit.

Als je nieren verder achteruitgaan, is het mogelijk dat je het advies krijgt om op andere voedingsstoffen te gaan letten. Misschien krijg je advies om minder eiwitten te eten. Veel nierpatiënten krijgen een eiwitbeperkt dieet als de nieren voor minder dan 30 % werken. Je hoort het van de arts of diëtist als een eiwitbeperkt dieet nodig is.

Eiwitbeperkt dieet en diabetes

Bij een eiwitbeperkt dieet eet je misschien meer koolhydraten per maaltijd. Bijvoorbeeld omdat je vaker zoet beleg op je brood neemt, in plaats van kaas of vleeswaren. Het kan gebeuren dat de glucose dan te veel stijgt. Dit wordt regelmatig gecontroleerd. 

Heb je een glucosemeter? Dan kun je zelf je glucose controleren. Zo nodig past de arts de medicijnen voor je diabetes aan. Overleg met de diëtist en arts als je hier nog vragen over hebt.

Als je insuline gebruikt

Heb je diabetes en gebruik je daarvoor insuline? Vanwege de nierschade is misschien een aanpassing van de dosis nodig. Hiervoor kunnen verschillende redenen zijn.

  • Beweging verlaagt glucose. Veel mensen met chronische nierschade hebben last van vermoeidheid en gaan minder bewegen. Ben je ook minder gaan bewegen? Dan heb je misschien een hogere dosis insuline nodig.
  • Heb je het advies gekregen om minder eiwit te eten? Als je eiwitrijke voedingsmiddelen vervangt door voedingsmiddelen met veel koolhydraten, kan de hoeveelheid glucose in het bloed stijgen. Dan heb je misschien een hogere dosis insuline nodig.
  • Bij nierfalen plas je minder insuline uit. Je hebt dan een lagere dosis insuline nodig.
  • Bij peritoneale dialyse (PD) kan de bloedglucose stijgen. Dat komt doordat de spoelvloeistof vaak veel glucose bevat. De glucose wordt opgenomen in het bloed. Je hebt dan een hogere dosis insuline nodig.
  • Bij hemodialyse wordt er glucose uit het bloed gedialyseerd. Op dialysedagen eet je misschien ook anders dan op niet-dialysedagen, en ben je meer of minder actief. Het is mogelijk dat de dosis insuline op deze dagen aangepast moet worden.

De arts of diabetesverpleegkundige overlegt met jou als aanpassing van de dosis nodig is.

Stel je vraag aan een diëtist

Heb je vragen over jouw dieet of wil je bijvoorbeeld weten welk voedsel echt gezond is? Ons team van diëtisten staat klaar om jouw vraag te beantwoorden.

Stel je vraag