Selecteer de tekst die je wilt vertalen en kies 'Vertalen'. Kies vervolgens de gewenste taal. Je kunt de vertaalde tekst beluisteren of lezen.

Leven met

Nefroloog over slaap: ‘Slaap is vaak het eerste wat ontregeld raakt’

15 juni 2026

Nefroloog Robbert Schouten (Amsterdam UMC) ziet veel nierpatiënten worstelen met een slechte slaap. Vaak spelen meerdere factoren een rol, wat een oplossing niet eenvoudig maakt. Maar wanhopen hoeft niet: ‘Ook al is er niet één gouden wondermiddel, kleine stapjes kunnen uiteindelijk een groot verschil maken.’

Mensen met een nierziekte slapen vaak slechter. Zie jij dat ook in de praktijk?
‘Ja, absoluut. Vooral mensen die dialyse krijgen, hebben veel slaapproblemen. We hebben het dan over 50 tot 80 procent van de patiënten. Dat zijn enorme aantallen. Maar ook mensen met mildere nierproblemen kunnen er last van hebben.’

Over wat voor slaapproblemen gaat het dan precies?
‘Dat verschilt enorm. Sommige mensen kunnen moeilijk inslapen, anderen worden juist steeds wakker gedurende de nacht. Soms is er een duidelijke verklaring voor, zoals apneu, dorst, of vaak moeten plassen. Dat is relatief eenvoudig te verhelpen, door bijvoorbeeld de medicatie wat aan te passen
Maar vaker wordt slaap beïnvloed door een combinatie van lichamelijke factoren, zoals rusteloze benen, jeuk én door psychische klachten. Angst en somberheid spelen vaak een rol. En vergeet niet: als je nieren slechter werken, kun je je ook gewoon minder goed voelen. Een beetje alsof je continu grieperig bent. Dat heeft effect op hoe je slaapt. Sommige patiënten slapen wel, maar worden toch niet uitgerust wakker.’

Meerdere kleine verbeteringen samen kunnen uiteindelijk veel verschil maken

Robbert Schouten - nefroloog

Weten patiënten zelf meestal al wat invloed heeft op hun slaap?
‘Niet altijd, en dat is ook logisch. Veel mensen denken: ik slaap slecht, dus ik moet eerder naar bed of een slaapmiddel nemen. Maar vaak zit er veel meer onder. Een goed gesprek daarover kan heel verhelderend zijn. Soms is dat ook confronterend, omdat mensen ineens ontdekken hoeveel factoren tegelijk meespelen.’

Je noemt lichamelijke én mentale factoren. Hoe hangen die samen?
‘Heel sterk. Slaap is vrij kwetsbaar. Zodra er iets uit balans raakt in je lichaam of hoofd, merk je dat vaak als eerste aan je slaap. Mensen met nierproblemen voelen zich lichamelijk vaak minder fit. Dat heeft natuurlijk ook invloed op je stemming, energie en stressniveau. Angst- en somberheidsklachten zien we relatief vaak. Alleen rust daar nog best een taboe op. Terwijl het juist heel belangrijk is om dat bespreekbaar te maken, omdat het zo’n grote invloed kan hebben op slaap.’

Mensen gaan soms zelf experimenteren met supplementen of slaapmiddelen. Hoe kijk jij daarnaar?
‘Ik vind het eigenlijk goed als mensen zelf actief meedenken en de regie nemen. Maar overleg veranderingen wel altijd even met een arts of verpleegkundige. Zeker bij nierproblemen kunnen middelen anders werken dan je verwacht.
Daarnaast is het zelden dé oplossing voor langdurige slaapproblemen. Als iemand wakker ligt door pijn, stress of rusteloze benen, dan los je dat niet op met bijvoorbeeld melatonine.’

Hoe sta je tegenover zwaardere slaapmedicatie?
‘Daar ben ik voorzichtiger mee. Middelen zoals benzodiazepinen kunnen tijdelijk goed helpen, bijvoorbeeld tijdens een opname of een heel stressvolle periode. Maar je maakt jezelf er geforceerd slaperig mee. Op lange termijn zie je vaak dat mensen eraan gewend raken of dat je slaapkwaliteit juist slechter wordt.’

Wij artsen zouden vaker kunnen vragen: Welke klacht heeft op dit moment de meeste invloed op uw leven?

Robbert Schouten - nefroloog

Krijgt slaap volgens jou voldoende aandacht in de zorg?
‘Eerlijk gezegd denk ik van niet. We besteden als artsen veel aandacht aan bloedwaarden en medische controles en dat is natuurlijk belangrijk. Maar we zouden vaker kunnen vragen: Welke klacht heeft op dit moment de meeste invloed op uw leven? Ik denk dat minder meetbare klachten, zoals slaap en vermoeidheid, dan vaak vanzelf naar voren komen.
Samenwerking is ook belangrijk bij slaapproblematiek. Een huisarts, een praktijkondersteuner, maatschappelijk werker of slaaptherapeut kunnen allemaal iets toevoegen. Je hebt eigenlijk een heel team nodig.’

Wat kunnen patiënten zelf doen als slaap een groot probleem is?
‘Er is een aantal voor de hand liggende dingen als: je dag rustig afbouwen; minderen met koffie en alcohol; geen schermgebruik vlak voor het slapen gaan… Maar ook: bespreek je probleem actief en neem de regie in het gesprek met je nefroloog. Voor je het weet is je tijd voorbij met wat de nefroloog graag wil bespreken - bloeduitslagen en andere meetbare zaken. Ik zie het ook als opdracht aan de patiënt om de agenda van zo’n gesprek te bepalen als je met slapeloosheid worstelt.’

De tijd van een consult is meestal beperkt. Heb je tips hoe je zo’n gesprek aanpakt?
‘Bereid het gesprek voor. Het is handig om op voorhand een slaapdagboek bij te houden om meer inzicht te krijgen in de vraag wat er precies speelt. Waar heb je het meeste last van? En wanneer? Voorkom het deurknopfenomeen. Dus: wacht niet tot het einde van een consult, maar benoem meteen aan het begin wat je wilt bespreken.
Ik adviseer patiënten ook vaak om iemand mee te nemen naar een afspraak. Twee mensen horen meer dan één. Zeker als je moe bent of je niet goed voelt, onthoud je vaak maar een klein deel van wat er besproken wordt.
Slaapproblemen mogen serieus genomen worden. Ook als er niet meteen een makkelijke oplossing is. Vaak zit de winst niet in één gouden wondermiddel, maar in meerdere kleine stapjes die uiteindelijk een groot verschil kunnen maken.’

Tekst: Hester Schaaf
Beeld: Pexels