Selecteer de tekst die je wilt vertalen en kies 'Vertalen'. Kies vervolgens de gewenste taal. Je kunt de vertaalde tekst beluisteren of lezen.

Nierdonatie na overlijden

Laatste update, 11 juni 2025

Na je overlijden kun je jouw organen, bijvoorbeeld een nier, doneren. Als je organen geschikt zijn kan je mogelijk het leven van meerdere mensen redden. Wat je ook kiest: het helpt als je jouw wens vastlegt in het Donorregister.

Zelf kiezen - wensen registeren

In Nederland kun je vanaf 12 jaar zelf kiezen of je orgaandonor wilt worden na je dood. Deze keuze kan je invullen in het donorregister.  Wel gelden er extra regels voor jongeren tot en met 18 jaar. Ook wordt er overlegd met je ouders of voogd bij het maken van deze keuze. 

De Transplantatiestichting heeft een animatie die laat zien hoe donorregistratie werkt.

Waarom donor worden?

Met orgaandonatie na overlijden help je mensen die op een wachtlijst staan voor een orgaan. In Nederland wachten ruim duizend ernstig zieke mensen op een donororgaan. Bijna driekwart daarvan zijn mensen die wachten op een donornier.

Eén donor kan meerdere mensen helpen

Als je besluit om orgaandonor te worden, en je organen blijken na overlijden geschikt, dan kun je tot wel acht levens redden. 

Ieder jaar staan rond de 250-300 mensen na hun dood organen af. Dankzij hen krijgen zo'n 500 mensen op de wachtlijst een levensreddende nier van iemand die overleden is (Daarnaast ontvangen ongeveer 500 mensen per jaar een nier van een levende donor).

Strenge regels

Sommige mensen zijn bang dat artsen minder hun best doen om orgaandonoren te redden. Maar elke arts is verplicht om er alles aan te doen om iemands leven te redden. En er zijn strenge regels voor orgaandonatie.

Er zijn strenge regels voor orgaandonatie. De arts kijkt pas in het donorregister, als het overlijden van iemand zeker is. En de arts die organen of weefsels krijgt toegewezen en transplanteert, is altijd een andere arts dan degene die in het donorregister kijkt.

Hoe gaat nierdonatie na overlijden?

Als iemand overlijdt, kijkt het ziekenhuis in het Donorregister om te zien wat de overledene heeft vastgelegd. Ook is er overleg met de nabestaanden: mogen de organen van de overledene gebruikt worden?

Als orgaandonatie mogelijk is, schakelt het ziekenhuis een transplantatiecoördinator (ook wel: orgaandonatiecoördinator) in. De chirurg verwijdert de organen pas als het zeker is dat iemand is overleden. Dat kan bijvoorbeeld na vastgestelde (hersen)dood of (hart)dood. Dit gebeurt altijd volgens strenge medische regels en controles.

Wil je weten hoe je in aanmerking komt voor het ontvangen van een nier/orgaan van een overleden donor? Dat lees je op: Een nier van een overleden donor.

Is er niks vastgelegd in het donorregister?

Dan gaat het ziekenhuis er vanuit dat de overleden persoon ‘geen bezwaar’ heeft tegen donatie. De overledene wordt dan automatisch donor. Er vindt dan wel overleg plaats met de nabestaanden. Soms weten zij hoe de overledene over orgaandonatie dacht.