Selecteer de tekst die je wilt vertalen en kies 'Vertalen'. Kies vervolgens de gewenste taal. Je kunt de vertaalde tekst beluisteren of lezen.

Persoonlijke verhalen

Muscle-up -> muscles down -> muscles back! - Jaarlijks zijn er ongeveer 1.000 niertransplantaties, waarvan ongeveer 500 van een levende donor. Dit jaar was ik één van deze 500. In deze blog vertel ik over mijn voorbereiding,...

4 december 2024

Jaarlijks zijn er ongeveer 1.000 niertransplantaties, waarvan ongeveer 500 van een levende donor. Dit jaar was ik één van deze 500. In deze blog vertel ik over mijn voorbereiding, operatie en herstel, om zo het stokje door te geven!

(Disclaimer. Ik ben geen chirurg, geen nefroloog, geen diëtist en geen fysiotherapeut. Voor mijn herstel heb ik echter wel geput uit de wetenschappelijke kennis uit al die disciplines. Daarom spreek ik ook niet van tips (‘doe dit’), maar van lessen (‘hier heb ik zelf van geleerd’).)

Waar te beginnen? Lang verhaal kort: mijn broer belde mij in maart op dat het mis wat met zijn nieren. Ik zei voor de gein “geen zorgen, ik heb er nog eentje over”. Nou ja, zo geschiedde dus. Van de stroomversnelling van consulten en leeswerk is mij het meeste bijgebleven:

Les 1: ‘Hoe fitter je er in gaat, hoe fitter je er uit komt.’

Say no more! Nu ben ik al behoorlijk fit van mijzelf, maar de operatie gaf mij extra motivatie om net dat stapje extra te doen. En wow, het lukte mijzelf om voor het eerst een muscle-up te doen! Dat ook met de gedachte: als mijn broer dan toch mijn nier krijgt, laat het dan maar een topproduct zijn. Dus fitheid: check. Wat nu? Toen de operatie dichterbij kwam, hoorde ik dat ik mij op zondagavond om 20:00 moest melden in het ziekenhuis. Toen dacht ik: “ow, wat neem ik eigenlijk mee?”

Les 2: ‘Sorry gozer, je wandelt niet zomaar even naar buiten.’

De operatie zelf duurt ongeveer twee á drie uur, maar je bent vervolgens vier dagen in het ziekenhuis. Ik had uiteraard bezoek om mij gezelschap te houden – en natuurlijk extra chilltijd met mijn broer die twee kamers verder lag – maar ik moest mij voorbereiden op een lange zit en onrustige nachten. Ik sliep niet op een aparte kamer, maar op een kamer met patiënten met maag-, lever- en darmaandoeningen. Die hadden ’s nachts dus last van… nou ja, maag, lever en darm. Daar moest ik mijzelf even overheen zetten. Slapen was dus heel erg moeilijk, ook omdat je niet kunt draaien of op je zij liggen (ik onderschat nooit meer waar je buikspieren allemaal voor nodig hebt). Gelukkig kwamen al snel wat leuke boeken, vrienden en… goede snacks!

Les 3: ‘Garbage in = garbage out’

De chirurg ging zeer zorgvuldig te werk, maar je buik krijgt alsnog een geweldige optater. Dat betekent dat je zeer weinig beweegt (en dus ook minder calorieën verbrandt) en dat betekent dus ook wat voor je… stoelgang. Want om te drukken, heb je buikspieren nodig. En die waren nu net weg (muscles down). En al het ziekenhuispersoneel is fantastisch, echte helden, maar het ziekenhuiseten… Laten we zeggen dat ik heel snel bedacht om eigen maatregelen te treffen. Een hele verzameling aan vezelrijk eten - wortels, komkommers, tomaten, crackers, humus etc. – en eiwitrijk eten (met mijn vegetarisch dieet was dat dus veel nootjes en peulvruchten). En dat was nodig ook, want na een dreiging om ‘andere maatregelen te nemen’ lukte het mij op dag drie om zelfstandig te… Hallelujah, het was bijna janken van de pijn en opluchting. Goede dingen erin, goede dingen eruit. Op diezelfde dag drie stond ik overigens bekend als ‘de verdwenen patiënt’. Want ik was alweer flink aan het wandelen. Deels uit verveling, deels uit les:

Les 4: ‘Goede voeding x Beweging = Herstel’

Mijn vrouw gaf mij voor mijn verjaardag zo’n fancy sporthorloge, heerlijk voor een datanerd als ik. De data uit die eerste dagen na de operatie waren eensgezind: mijn lichaam was vol in stressmodus. Verhoogde hartslag, verstoord slaap- en hartritme. Heel logisch ook, maar dat betekende voor mij niet dat ik stil moest zitten en wachten tot de pijn voorbij ging. Spieren en conditie groeien door het blootstellen van je lichaam aan gezonde prikkels. Nooit op of over de pijngrens, maar weten waar die pijngrens is en daar dan op zo’n 70-80% onder weten te blijven. Dus toen de dokter zei “je mag wandelen”, wist ik genoeg. En nu hoor ik je denken “maar ging dat dan altijd goed?” Nou…

Les 5: ‘Je lichaam zegt ook wanneer iets NIET kan’

Ik ben sportief, eigenwijs en heb een hoge pijngrens. Maar ook mijn lichaam heeft een paar keer op de rem getrapt. In het ziekenhuis heb ik elke dag dutjes moeten doen. En toen ik na zes dagen thuis zat en voortvarend mijn ‘middagrondje’ wilde wandelen, kwam de man met de hamer langs. Een mokerslag van geen energie en wondpijn. Mijn trots wilde door, mijn lichaam wilde op de bank bij de buren Formule 1 kijken. Achteraf gezien had ik daar meer vrede mee moeten hebben. Accepteer gewoon een slechte dag. Vandaar:

Les 6: ‘Stel doelen, en pas ze ook weer snel genoeg aan’

Het herstel is niet ‘lineair’, je gaat niet van succes naar succes. Het is vaak één stap achteruit om er weer twee vooruit te maken. In mijn eigen ‘herstelplan’ had ik mijzelf voorgenomen om elke dag 1.000 stappen meer te zetten dan de dag ervoor. Maar soms wisselde ik een dag van 9.000 stappen af met een dag met 5.000 stappen, om vervolgens weer naar een heerlijke wandeling van 15.000 stappen in het zonnetje te gaan. Bijna elke week had ik wel een kleine set-back. Maar ik merkte wel dat ik het fijn vond om in ieder geval het doel te hebben gesteld. En later bleek waarom toen ik van mijn vrienden een boek kreeg over de kracht van D.O.M.

Les 7: ‘Geluk (of geluk in herstel) is Doelen, Oplaadpunten, Mensen’

Ik lees veel, dus ik was heel blij met de gigantische leesmand die ik van vrienden en collega’s had gekregen. Daarin vond ik een boekje van ‘geluksprofessor’ Patrick van Hees die uit vele wetenschappelijke publicaties de drieslag haalde voor geluk in het leven: (realistische, ambitieuze, kleine) doelen stellen, je eigen oplaadpunten samenstellen en energie halen uit menselijk contacten. Zeker als je veel thuis zit – met weinig oplaadpunten of mensen – kan dat best wel eens eenzaam voelen. Dus die ben ik vaker gaan opzoeken, en ik ging van die contacten ook mijn doelen maken. Zo had ik na vier weken belangrijk werkevenement waar ik graag bij wilde zijn om dat samen met mijn team mee te maken. Ook nam ik mijzelf voor om nog voor de winterstop weer een wedstrijd te voetballen. Het waren de menselijke contacten waar ik weer het meest naar uitkijk en voor ging lopen (letterlijk). Maar hoe hard liep ik dan?

Les 8: ’Babysteps, babysteps.’

Muscles down. Ik kon nog weinig. En hoewel ik nogmaals heel vele goede tips heb gekregen van de chirurg en de nefroloog, was ik wat teleurgesteld over het fysiologische advies. Zes weken lang geen zware boodschappentas tillen (uhuh), twee weken niet fietsen (oké…), let op jezelf (uh, ja?). Maar wat mag ik wél? Hoe zorg ik voor die gezonde prikkel voor mijn lichaam dat ie niet denkt dat dit het nieuwe normaal is? Alles begint met normaal kunnen lopen. Toen dat lekker ging, zat ik na anderhalve week heel voorzichtig op een hometrainer (nb: niet op een fiets buiten, want die drempels deden moeilijk veel pijn). Niks tot het gaatje. Na week 3 kwamen er wat voorzichtige squats en deadlifts uit (zonder gewichten). Na week 4 lukte het om in de sportschool voorzichtig met apparaten te werken waarbij je je buikspieren niet(!) gebruikt. Rond week 5 en 6 begon ik wat te slenteren – je kon het geen ‘hardlopen’ noemen – en langzaam te squaten en deadliften met gewichten. Ik weet hoe raar dat klinkt: ‘geen zware boodschappentas, maar wel squaten met gewichten?’. Het klopte voor mij wel, want leg je hand maar eens op je buik terwijl je squat en als een zware boodschappentas uit de auto tilt. Dat laatste is veel minder een gecontroleerde beweging, veel meer een zijwaartse beweging en dus krijgen je buikspieren veel meer een ongewenste optater. Dus geen yoga, geen explosieve oefeningen en relatief weinig ‘zijwaarts’. Vanaf week 6 ging het herstel sneller en durfde ik meer, en besloot ik zelfs om het herstel wat meer te vieren.

Les 9: ‘Beloon jezelf, hang zelf maar de slingers op.’

Alcohol was voor mij maandenlange uit den boze. Een maand voor de operatie gestopt, en ook tijdens het herstel geen druppel. Tot ik na week 8 weer op het voetbalveld stond. Ik zei tegen mijzelf: “Als ik een wedstrijd speel, dan drink ik weer een biertje”. Nou, die smaakte drie keer zo goed (en kwam overigens ook drie keer zo hard binnen). Ook dat was een doel om naar te streven, en als dat dan lukt: maak er een feestje van en hang zelf de slingers op. Gelukkig kan dat elke week of elke maand. Het volledige herstel is immers een proces van vele maanden, niet van weken.

Les 10: ‘The comeback is always stronger than the setback’

Ik ben inmiddels op bijna drie maanden na mijn operatie. Ik kan nog niet goed alle fitnessoefeningen waar ik mijn onderste buikspieren voor nodig heb (leg raises, muscle-up, jack knife, bicycle), maar de rest van mijn kracht is bijna weer helemaal terug. Van muscle-up -> muscles down -> muscles back. Mijn conditie is nog niet wat het geweest was, maar ik sta weer moeiteloos drie keer in de week op het voetbalveld. En dat is vooral omdat ik besloten heb dat de operatie niet het begin van mijn aftakeling is. Deze 10 lessen hebben mij in ieder geval veel kracht gegeven in de laatste maanden en dat was ook de reden dat ik deze blog heb geschreven: om dankbaar het stokje door te geven. Om de inspiratie door te geven die ik zelf uit al deze blogs heb gehaald. Mede daardoor heb ik besloten om sterker dan ooit terug te komen, ook al gaan daar nog maanden overheen!

5 juli 2025 - Ben jij erbij?

Ben jij nierpatiënt, naaste of (toekomstige) nierdonor? Of ben je gewoon benieuwd naar alles rondom nierziekte? Dan mag je het Nierfestival niet missen! Op deze inspirerende dag bieden we je een dag vol boeiende sprekers, interactieve sessies en gezellige activiteiten met als thema: Nierkracht, wat kan wel?

Nierfestival