Soms levert een mononier geen klachten op. Maar uit de SOFIA-studie blijkt dat drie van de vier kinderen met een mononier op hun 18e minstens één symptoom van nierschade hebben. Denk aan hoge bloeddruk, eiwitverlies in de urine en/of een verminderde nierfunctie.
Het gaat dus om een grote groep patiënten wiens enige nier op lange termijn schade oploopt. Of er schade ontstaat, hangt af van hoe goed de nier tijdens de zwangerschap is aangelegd. Sommige kinderen hebben een mononier met veel reservecapaciteit, waardoor ze geen of pas op latere leeftijd tekenen van nierschade krijgen. Anderen hebben minder geluk en krijgen al op jonge leeftijd tekenen van nierschade.
Zo’n teken van schade hoeft trouwens niet direct problemen te geven. Wel kan een symptoom als hoge bloeddruk op kinderleeftijd, op latere leeftijd schade aan hart- en bloedvaten tot gevolg hebben. Daarom blijven kinderen met een mononier in principe de rest van hun leven onder controle. Door jaarlijks de bloeddruk, nierfunctie en urine te controleren, sporen we schade zo vroeg mogelijk op. En kunnen we zo nodig een behandelding starten.