Onderwerpen op een rij
- Wat kun je nu al doen?
- Medicijnen & hulpmiddelen
- Noodpakket voor nierpatiënten
- Dialyse en zorg in het ziekenhuis of dialysecentrum
- Thuisdialyse
- Niertransplantatie
Selecteer de tekst die je wilt vertalen en kies 'Vertalen'. Kies vervolgens de gewenste taal. Je kunt de vertaalde tekst beluisteren of lezen.
Met de actie Denk Vooruit helpt de overheid je om je voor te bereiden op een mogelijke noodsituatie, zoals een grote stroomstoring. Voor nierpatiënten zijn er extra zaken om rekening mee te houden. Op deze pagina lees je de belangrijkste adviezen en veelgestelde vragen.
Het is belangrijk dat je altijd voldoende medicijnen en hulpmiddelen in huis hebt. In dit onderdeel lees je hoe je je voorraad op peil houdt en wat je kunt doen bij problemen.
Het is belangrijk dat je genoeg medicijnen en hulpmiddelen in huis hebt. Zo kom je niet zonder te zitten.
Het is meestal niet nodig om een aparte noodvoorraad aan te leggen. Medicatie kan namelijk veranderen. Een grote voorraad kan dan minder goed passen of verlopen.
Het advies van artsen en apothekers is daarom: houd je voorraad op peil. Een doosje medicijnen is vaak voldoende voor ongeveer 30 dagen. Begin je aan het laatste doosje? Bestel dan meteen nieuwe medicijnen bij de apotheek.
Zo zorg je ervoor dat:
Voor hulpmiddelen, zoals katheters en spoelvloeistof, geldt hetzelfde: bestel op tijd nieuwe, zodat je niet zonder komt te zitten.
In dit geval kun je het beste bellen met de apotheek voor advies. Ook hiervoor geldt dat het kan helpen om je naasten te vertellen over je medicijngebruik. Misschien kan een van hen de medicijnen voor jou ophalen.
De meeste medicijnen moet je bewaren bij kamertemperatuur. Bewaar die het liefst op een droge, donkere plaats. Er zijn ook medicijnen die je moet bewaren in de koelkast. Dit staat op het etiket.
Medicijnen zijn beperkt houdbaar. Op de verpakking staat een uiterste gebruiksdatum. Daarna werken de medicijnen misschien niet goed meer. Gebruik ze dan niet meer.
Sommige medicijnen kun je maar korte tijd gebruiken als de verpakking geopend is. Dat is bijvoorbeeld zo bij druppels, drankjes en insuline. Tip: zet na opening de uiterste gebruiksdatum op het etiket.
Het advies is daarnaast om contact op te nemen met jouw apotheek. Je apotheek kan per medicijn adviseren hoe deze medicijnen tijdens een noodsituatie (bijvoorbeeld stroomuitval) bewaard moeten worden.
Veelgebruikte gekoelde medicijnen voor nierpatiënten zijn EPO-injecties, insuline en groeihormonen voor kinderen.
Ja, meestal kan dat. Maar omdat jouw afweer minder goed werkt, heb je meer kans om ziek te worden van een infectie (ontsteking). Daarom is het belangrijk om extra goed op jezelf te letten.
Wat kun je doen om jezelf te beschermen?
Zorg ervoor dat je altijd een medicijnpaspoort (ook wel: geneesmiddelenpaspoort) bij de hand hebt. Dit kun je aanvragen bij de apotheek of (huis)arts. In geval van nood, kan een zorgverlener je dan sneller helpen. Informeer ook je naasten over je medicijngebruik.
De apotheek kan een medicijnpaspoort voor je printen. De meeste apotheken hebben ook een app waar je jouw medicijnen kunt opslaan. Die heb je dan altijd actueel bij je.
De overheid adviseert om een noodpakket in huis te hebben. Zo ben je beter voorbereid op een noodsituatie.
Bij eten en drinken kun je denken aan flessen water en houdbaar eten. Het advies is om dit voor 72 uur (3 dagen) in huis te hebben.
Op de website van het Voedingscentrum vind je veel informatie. Hier staat ook een lijst van (gezonde) producten die je in je noodpakket kunt stoppen.
Voor nierpatiënten is het belangrijk om extra goed te letten op wat je eet en drinkt. Sommige producten uit een noodpakket bevatten veel zout, kalium of fosfaat. Hieronder lees je waar je op moet letten en welke keuzes je het beste kunt maken voor jouw noodpakket.
Op verschillende websites vind je algemene informatie over wat er in een noodpakket zou moeten zitten. Als nierpatiënt is het daarnaast handig om ook hieraan te denken:
Het advies is om geen kant-en-klaar noodpakket te kopen als je nierschade hebt. Het eten en drinken in dit soort noodpakketten is vaak niet zo gezond en kan veel zout bevatten.
Kant-en-klare noodpakketten bestaan vaak uit energierepen. En uit gevriesdroogd eten en ingeblikt eten. Dit eten bevat vaak veel kalium en zout. In ingeblikt eten zit meestal ook extra zout.
Kies daarom liever zelf welke producten je in je noodpakket stopt. Zo kun je kiezen voor varianten zonder zout of met zo min mogelijk zout.
Als je een dieet volgt, is het misschien nodig om het noodpakket aan te passen. Voor alle nierpatiënten is het advies om zoutarm te eten. Geschikte producten bij een zoutbeperkt dieet:
Je kunt ook ingeblikte groenten, fruit en peulvruchten toevoegen aan je noodpakket. En bijvoorbeeld vis. Maar let wel op het zout in deze producten. Kies met voorkeur voor soorten zonder toegevoegd zout.
Let ook op kalium en fosfaat in de producten, als je hier rekening mee moet houden.
Lees het etiket van het product en kies voor een variant met zo min mogelijk zout. Dit zijn vaak de naturel soorten (bijvoorbeeld tonijn in eigen water) zonder saus of kruiden.
Vermijd producten zoals zuurkool, groenten in zoetzuur (augurken, zilveruitjes) en diepvriesgroenten à la crème.
Kies met voorkeur voor zoutarm, geen zout of 0% toegevoegd zout: producten die maximaal 0,12 gram zout bevatten per 100 gram.
De maximale grens bij zoutbeperking is 0.3 gram zout per 100 gram. Heeft het ingeblikte product meer dan 0,3 gram zout per 100 gram? Wees dan voorzichtig met de hoeveelheid die je hiervan gebruikt. En wissel af met zoutarme producten.
Voor tussendoortjes kun je denken aan:
Lees meer over zout en voeding >
Heb je naast een zoutbeperking ook diëten als een kalium- of fosfaatbeperking? Lees dan onderstaande informatie hoe je hiermee rekening kunt houden in je noodpakket.
Naast de zoutarme tips voor je noodpakket zijn er producten die extra risico geven op een hoog kalium. Een te hoog kalium kan in een noodsituatie gevaarlijk zijn. Let hier dus goed op.
Producten in een noodpakket die veel kalium kunnen bevatten zijn bijvoorbeeld ingeblikt fruit, groenten, peulvruchten en aardappel(vervangers).
Gebruik liever geen vruchtensap of gedroogd fruit. Dit bevat veel kalium.
Kalium in ingeblikt fruit
Ingeblikt fruit bevat vaak meer kalium. Dat komt doordat het in sap, siroop of suiker zit. Hierdoor blijft het kalium in het fruit zitten en kan het zelfs meer geconcentreerd zijn.
Wat kun je het beste kiezen?
Fruiten met weinig tot matig kalium:
Fruiten met matig tot veel kalium:
Hoeveel ingeblikt fruit mag ik nemen?
Kalium in groenten en peulvruchten uit blik of pot
Groente en peulvruchten uit blik of pot (zonder zout) hebben evenveel of soms minder kalium dan verse producten. Dat komt doordat ze in water liggen. Een deel van het kalium kan in het water terechtkomen. Dit is nog niet helemaal zeker, maar het kan helpen.
De hoeveelheid kalium hangt ook af van het product zelf. Gebruik daarom onderstaande richtlijnen.
Groenten en peulvruchten met weinig tot matig kalium:
Groenten en peulvruchten met matig tot veel kalium:
Noten, pitten en zaden:
Naast zout en kalium zijn er ook producten die kunnen zorgen voor een hoog fosfaat. Een hoog fosfaat is in een noodsituatie minder gevaarlijk dan een hoog kalium. Het belangrijkste is: neem je fosfaatbinders goed in.
Bewerkte producten met veel fosfaat
Fosfaat komt van nature voor in veel producten (plantaardig en dierlijk). Maar vooral in bewerkte producten zit vaak extra veel fosfaat. Dit kun je herkennen aan bepaalde E-nummers:
E-nummers: E101 (ii), E338-343, E442, E450-452, E540-545, E626-635, E1410, E1412-1414, E1442.
In het noodpakket zit vooral veel fosfaat in producten als:
Gebruik deze producten liever niet.
Plantaardige producten en fosfaat
De meeste peulvruchten kun je in normale hoeveelheden eten: ongeveer 100 gram per keer
Let extra op bij:
Kies eventueel voor 100% notenpasta’s van andere noten in plaats van reguliere pindakaas.
Dierlijke producten en fosfaat
Producten zoals vlees, vis, eieren, zuivel en kaas bevatten van nature fosfaat.
Je kunt deze in normale porties gebruiken.
Let extra op bij:
Houdbare melk heeft ongeveer dezelfde voedingswaarde als verse melk.
Uitzondering: melkpoeder, dit bevat meer fosfaat.
Heb je vragen? Bespreek dit dan met jouw diëtist.
Bij een noodsituatie gaat dialyse in het ziekenhuis meestal door. Hier lees je wat je kunt verwachten en wat je zelf kunt doen.
Ziekenhuizen zijn goed voorbereid op stroomuitval. Ze hebben verschillende manieren om de stroom snel over te nemen:
Is er voor lange tijd helemaal geen stroom beschikbaar? Dan zorgt het ziekenhuis dat patiënten toch veilig zorg krijgen. Bijvoorbeeld door hen tijdelijk naar een ander ziekenhuis te sturen.
Netbeheerders proberen altijd zo snel mogelijk de stroom in ziekenhuizen te herstellen.
Handige tips:
Doe je thuisdialyse? Over het algemeen geldt: sla de thuisdialyse nooit over. Lees verder de informatie hierover verderop in deze lijst met vragen en antwoorden.
Als je je strikt aan je dieet houdt, kun je een periode met minder dialyseren meestal veilig overbruggen. Er zijn dan 3 belangrijke risico's:
Te veel vocht
Heb je een vochtbeperking? Als je minder (lang) dialyseert, heb je risico op vochtophoping. Je houdt dan te veel vocht vast in je lichaam. Dit kan zorgen voor hoge bloeddruk en hartklachten. Het advies:
Meer informatie over vochtophoping >
Te hoog kalium
Dialyse verwijdert kalium uit je bloed. Minder dialyse geeft risico op te veel kalium. Dit kan gevaarlijk zijn voor je hart. Het advies:
Meer informatie over te veel kalium in je bloed >
Meer informatie over voeding met veel kalium >
Eiwit en fosfaat
Fosfaat zit in producten met veel eiwit. Minder eiwit eten helpt om hoge fosfaatwaarden en andere afvalstoffen in het bloed te beperken.
Tijdens een noodsituatie heb je meer kans op een hypo (lage bloedsuiker). Zorg daarom dat je altijd iets bij je hebt dat je bloedsuiker snel kan verhogen, zoals: honing, wafels, suiker, snoep, of vruchtensap met weinig kalium.
In een noodsituatie kan het gebeuren dat er geen taxi’s rijden of niet te bereiken zijn.
Ziekenhuizen in Nederland blijven zoveel mogelijk bereikbaar via het centrale telefoonnummer. Het kan wel druk zijn, waardoor je langer moet wachten. De medewerker van de centrale helpt je zo goed mogelijk verder.
Denk na of je vraag echt haast heeft of ook even kan wachten. Zo blijft het ziekenhuis bereikbaar voor mensen die direct hulp nodig hebben. Bij een medische noodsituatie bel je altijd 112.
Bij een lange en grote stroomstoring, of een andere noodsituatie, kan het gebeuren dat je het ziekenhuis niet meer kunt bellen. Volg dan altijd de informatie van een betrouwbare bron, zoals de overheid, de hulpdiensten of een regionale radiozender.
Krijg je een bericht van het ziekenhuis of dialysecentrum? Volg dan hun advies op.
Alle ziekenhuizen in Nederland zijn voorbereid op situaties waarin een spoedevacuatie tijdens dialyse noodzakelijk is. De dialyseverpleegkundigen zullen je op dat moment hierin begeleiden.
Een cyberaanval is een aanval op de computersystemen van een ziekenhuis. Soms gebeurt dit met ransomware. Dan worden computers en systemen geblokkeerd. Zorgverleners kunnen dan tijdelijk niet bij patiëntgegevens of sommige apparaten. Dit kan de zorg vertragen.
Of dialyse kan doorgaan, hangt af van welke systemen zijn geraakt. De dialysemachine zelf werkt meestal ook zonder het centrale computersysteem van het ziekenhuis. Daardoor kan de behandeling soms gewoon doorgaan.
Maar zorgverleners kunnen wel gegevens missen die nodig zijn voor een veilige behandeling, zoals je medische gegevens of eerdere dialyse-instellingen. Daarom kan het gebeuren dat dialyse wordt uitgesteld of anders wordt georganiseerd, zodat je veilig geholpen kunt worden.
Ziekenhuizen hebben ook noodprocedures voor als de ICT uitvalt. Denk aan tijdelijk werken met papieren dossiers of extra veiligheidscontroles. Zo zorgen zorgverleners ervoor dat de zorg zo veilig mogelijk kan doorgaan, ook tijdens een cyberaanval.
Doe je thuisdialyse? Dan is het belangrijk om te weten wat je moet doen bij bijvoorbeeld een stroomstoring. In dit onderdeel vind je praktische informatie en tips.
Over het algemeen geldt: sla de thuisdialyse nooit over. Bel ook geen 112! Dat is alleen voor levensgevaar. Volg de volgende stappen:
Overdag thuis hemodialyse:
Over het algemeen geldt: sla de thuisdialyse nooit over. Bel ook geen 112! Dat is alleen voor levensgevaar.
Volg de volgende stappen:
Belangrijk
Volg altijd de instructies van je eigen dialysecentrum en je persoonlijke noodschema. Die kunnen afwijken van algemene adviezen. Vraag bij jouw dialysecentrum welk noodplan voor jou geldt.
Handmatig spoelvloeistof wisselen
Nee, dit is niet noodzakelijk. Als de stroom uitvalt, stopt de dialysemachine veilig. Je leest hoe dit gaat in de twee vragen en antwoorden die hierboven staan.
Je kunt contact opnemen met het dialysecentrum via de telefoonnummers die je hebt gekregen. Vaak zijn dit meerdere nummers, zodat je het centrum zowel overdag als ’s nachts om hulp kunt vragen.
Ja, als het nodig is kun je tijdelijk overstappen op (centrum) hemodialyse.
Neem contact op met het dialysecentrum en overleg hoe de behandeling verder gaat.
Een noodsituatie kan gevolgen hebben voor transplantaties. Houd ook rekening met je medicijnen tegen afstoting. Informatie over medicijnen lees je bovenaan deze veelgestelde vragen.
Het kan gebeuren dat geplande niertransplantaties (met een nier van een levende donor) tijdelijk niet doorgaan. De meeste urgente niertransplantaties gaan tijdens een noodsituatie zoveel mogelijk door.
Ja, meestal kan dat. Maar omdat jouw afweer minder goed werkt, heb je meer kans om ziek te worden van een infectie (ontsteking). Daarom is het belangrijk om extra goed op jezelf te letten.
Wat kun je doen om jezelf te beschermen?
Volg tijdens een noodsituatie altijd informatie van betrouwbare bronnen, zoals de overheid of een regionale radiozender.
De informatie op deze pagina is algemeen. Volg altijd de afspraken die je hebt gemaakt met je arts of dialysecentrum.
Meer informatie vind je op:
De informatie op deze pagina geeft algemene adviezen. Iedere situatie is anders. Het kan zijn dat jouw ziekenhuis of dialysecentrum andere afspraken met je heeft gemaakt. Volg daarom altijd de adviezen van jouw behandelteam.
Dit artikel is gemaakt met hulp van:
Nederlandse Federatie voor Nefrologie (NFN)
Diëtisten Nierziekten Nederland (DNN)
dr. Harm Geers, apotheker