Selecteer de tekst die je wilt vertalen en kies 'Vertalen'. Kies vervolgens de gewenste taal. Je kunt de vertaalde tekst beluisteren of lezen.

Vragen over nieronderzoek

Onderweg naar betere dialysezorg

7 juli 2026

Bij hemodialyse is de vaattoegang een onmisbare schakel: zonder goede verbinding tussen bloedbaan en kunstnier is het simpelweg niet mogelijk een patiënt aan een dialysemachine te koppelen. Gelukkig staat de zorg op dit gebied niet stil. Door nieuwe richtlijnen, nieuwe technieken en zelfs heel nieuwe soorten shunts kunnen behandelingen steeds beter aansluiten op de wensen en omstandigheden van verschillende patiënten. In dit artikel zoomen we in op de belangrijkste ontwikkelingen van dit moment.

Wat is een shunt?

Een operatief aangelegde, kunstmatige verbinding tussen een slagader en een ader, meestal in de arm. Deze verbinding maakt dialyseren mogelijk. Via een shunt kan bloed van de slagader direct in de ader stromen. Dit leidt tot een snellere bloedstroom. Hierdoor zet de ader uit. Zo wordt deze geschikt voor herhaaldelijk aanprikken met dialysenaalden. Tijdens dialyse worden twee naalden in de shunt geplaatst. Eén voert bloed naar het dialyseapparaat (de kunst nier), de andere brengt het gezuiverde bloed terug naar je lichaam. De shunt maakt toegang tot de bloedbaan mogelijk en dat is essentieel voor het filteren van afvalstoffen en overtollig vocht. Er zijn twee soorten shunts: 

  • Een shunt die van het eigen bloedvat is gemaakt: een fistel. 
  • Een shunt van kunststof.

Nieuwe richtlijn en keuzekaart

Aanhaken op individuele omstandigheden en voorkeuren

Waar vroeger vaak automatisch werd gekozen voor een shunt van de eigen bloedvaten, werd de laatste jaren duidelijker dat dit niet automatisch voor iedereen de meest wenselijke optie is. Oudere patiënten hebben bijvoorbeeld vaker een shunt die niet goed rijpt, waar door extra ingrepen nodig zijn. Daardoor is er in de herziene landelijke richtlijn uit 2022 veel meer aandacht voor gepersonaliseerde zorg: welke vaattoegang past het beste bij je lichaam, je gezondheid en je levensverwachting? 

Daarnaast is een keuzekaart vaattoegang ontwikkeld. Deze kaart helpt patiënten én artsen bij de keuze voor de meest passende dialysevorm. Wat is voor een patiënt zoal belangrijk? Snel kunnen starten? De minst belastende optie? Of juist een shunt met de langste levensduur? Kijk op de keuzekaart Kiezen uit verschillende bloedvattoegangen bij dialyse 

Toename van katheters: niet zonder risico’s

Steeds vaker valt de keuze op een centraal veneuze katheter (CVC), ook wel dialyselijn geheten. Het is een kunststof slangetje dat in een bloedvat wordt ingebracht, vaak in de hals of onder het sleutelbeen. Mensen die gaan dialyseren, kunnen de dialyselijn direct in gebruik nemen wat handig is bij een acute start. Maar een CVC maakt je ook gevoeliger voor infecties en kan na verloop van tijd zorgelijke vernauwingen in de grote aderen veroorzaken. Dit kan toekomstige keuzes voor vaattoegang beperken. Daarom benadrukt de richtlijn dat langdurig gebruik van een CVC alleen verstandig is als de voordelen duidelijk opwegen tegen deze risico’s.

Problemen door ‘te goed’ werkende shunts

Shunts zijn bedoeld om veel bloed door te laten stromen; dat is nodig voor een goede dialyse. Maar soms werkt een shunt zó goed dat er juist problemen ontstaan. Bij een shunt met hoge flow (>1,5 L/min) stroomt er zoveel bloed door de verbinding dat het hart extra hard moet werken. Dat kan klachten geven zoals vermoeidheid of kortademigheid. Dialysecentra besteden hier steeds meer aandacht aan. Met echo-onderzoek kan worden bekeken of een shunt te veel van het hart vraagt. Soms kan een kleine ingreep de flow verlagen, waardoor de shunt wél goed blijft werken maar het hart minder belast wordt.

Wat werkt het best voor ouderen?

De OASIS-studie onderzoekt welke vaattoegang het best werkt bij mensen van 70 jaar en ouder. Bij deze groep lukt dialyseren met een shunt met eigen bloedvaten vaak niet goed. Een shunt met een kunststof bloedvat of een dialyselijn zijn voor oudere mensen goede alternatieven, ook al zijn er op de lange termijn vaak extra ingrepen nodig. In de afgelopen jaren hebben 166 senioren die met hemodialyse moesten starten, meegedaan aan de OASIS-studie. Er is geloot om vast te stellen met welk van de drie mogelijke vaattoegangen elk van hen de dialysebehandeling zou starten. Zo kunnen de verschillende behandelingen eerlijk worden vergeleken. Het onderzoek is uitgevoerd in twintig Nederlandse ziekenhuizen onder leiding van het Maastricht Universitair Medisch Centrum. De resultaten zijn eind 2026 beschikbaar.

Shunt afsluiten na een niertransplantatie?

Na een succesvolle niertransplantatie is de shunt meestal niet meer nodig, omdat dialyseren dan niet meer hoeft. Toch blijft de shunt dan vaak openstaan. Bij een hogeflow-shunt kan dat het hart blijven belasten. Daarom wordt tegenwoordig beter bekeken of de shunt moet worden afgesloten. Een juiste keuze hierover kan klachten voorkomen en draagt bij aan een soepel herstel na transplantatie.

De dynamische shunt (XSGuard)

Staat alleen ‘aan’ tijdens dialyse

Een andere nieuwe ontwikkeling is de dynamische shunt, ontwikkeld door een onderzoeksteam van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC). Dit team onderzoekt de vraag: moet een shunt dag en nacht openstaan als je slechts een paar uur per week dialyseert? De dynamische shunt werkt alleen tijdens de behandeling. De rest van de tijd is de shunt gesloten. Dit resulteert mogelijk in minder belasting voor het hart omdat de hoge bloedstroom beperkt blijft tot de dialysetijd. Daarnaast treden wellicht minder snel vernauwingen en aneurysma’s op en kan de levens duur van de vaattoegang worden verlengd. Het onderzoek is nog in volle gang. De XSGuard wordt momenteel verder ontwikkeld door XS Innovations, een spin off bedrijf van het LUMC en de TU Delft. 

Filmpje 

Binnenkort verschijnt online aanvullende informatie met een filmpje: nierstichting.nl/nieuws/samen-het-verschil-maken-voor-dialysepatienten

Slimme naalden: minder pijn en minder misprikken

Wie dialyseert, weet hoe belangrijk het aanprikken van de shunt is. Een misprik is pijnlijk en kan schade veroorzaken die op de lange termijn tot problemen leidt. Het team in het LUMC ontwikkelt een slimme naald die de kans op misprikken vermindert en het aanprikken minder pijnlijk maakt. Ook dit onderzoek is nog in volle gang maar kan grote betekenis hebben voor het dagelijks comfort van dialysepatiënten.

In het lichaam gekweekte bloedvaten

Jarenlang werkten onderzoekers aan een oplossing voor mensen bij wie het niet lukt een ‘gewone’ shunt werkend te krijgen. De droom: een bloedvat dat door het lichaam zelf wordt gemaakt, sterk genoeg is voor dialyse en minder snel verstopt. De nieuwste ontwikkeling op dit gebied is de aXessgraft. Dit is geen standaard kunststof buisje, maar een soort tijdelijke mal. Na implantatie maakt het lichaam er stap voor stap een echt bloedvat van. Langzaam wordt het kunststof materiaal afgebroken en vervangen door lichaamseigen weefsel. De eerste ervaringen zijn veelbelovend: het vat lijkt snel bruikbaar en mogelijk minder gevoelig voor infecties dan traditionele opties. De resultaten van grotere studies moeten dit nog bevestigen, maar voor sommige patiënten kan dit in de toekomst een belangrijke nieuwe optie worden.

Patiëntvriendelijker behandelingen

Er verandert veel op het gebied van vaattoegang. Nieuwe richtlijnen zorgen voor keuzes die beter bij wensen en behoeften van patiënten passen. Innovaties, variërend van in het lichaam gekweekte bloedvaten tot slimme naalden en dynamische shunts, laten zien dat de toekomst van dialyse steeds patiëntvriendelijker wordt. En met de resultaten van de OASIS- en FLOW-studies in aantocht krijgen we binnenkort nóg beter inzicht in wat het best werkt voor verschillen de groepen patiënten.

RNA-moleculen en shuntvernauwingen

Onderzoekers van het Maastricht UMC+, het LUMC en de Universiteit van Edinburgh bestuderen zogeheten regulerende RNA-moleculen, ook wel lncRNA’s genoemd. Deze maken geen eiwitten aan, maar spelen wél een belangrijke rol bij het aan- en uitzetten van allerlei processen in onze cellen. Je kunt ze zien als de ‘regelaars’ of ‘schakelaars’ van het erfelijk materiaal. Specifieke lncRNA’s zijn mogelijk betrokken bij het ontstaan van vernauwingen in shunts. Deze kunnen leiden tot het verlies van de vaattoegang. De voorlopige onderzoeksresultaten laten zien dat sommige van deze RNA-moleculen een soort ‘aanjager’ zijn van dat proces. Er zal worden onderzocht of het mogelijk is deze lncRNA’s zodanig te beïnvloeden dat vernauwingen kunnen worden voorkomen. Dit onderzoek staat nog aan het begin, maar geeft hoop op een toekomst waarin we shunts kunnen beschermen tegen problemen die nu nog veel te vaak voorkomen.

Tekst: Joris Rotmans en Maarten Snoeijs (arts-onderzoekers)

Nier Magazine

Persoonlijke verhalen van nierpatiënten, wetenschappelijke en (para)medische artikelen, praktische tips, artikelen over politieke ontwikkelingen, de stand van zaken rond nierdonatie en -transplantatie, sport, voeding en meer. Je leest het in het tijdschrift van de Niervereniging: Nier Magazine.

Meer over Nier Magazine

Kom in contact met andere nierpatiënten

Op onze sociale media ontmoet je andere nierpatiënten, kun je je vragen stellen en ervaringen uitwisselen.

Nierfestival