Steeds denk ik: nu gaat het vast beter. Daarom bel ik het ziekenhuis niet. Tot ik echt niets meer binnen houd en mijn tong dik en raar aanvoelt in mijn mond. Dit gaat zo niet langer. Dus bel ik eindelijk het ziekenhuis.
Bloedonderzoek wijst uit dat mijn nierfunctie is gedaald. Voor verder onderzoek vraagt een arts of ik mijn ontlasting in een buisje wil scheppen. Haar advies luidt: meer drinken en afwachten. Klinkt simpel, maar het lukt me niet om iets binnen te houden. En is verder afwachten nu wel zo verstandig?
Een vriendin dringt erop aan opnieuw het ziekenhuis te bellen. Het voelt een beetje als zeuren, toch pak ik de telefoon. Deze keer sturen ze me direct door naar de Spoedeisende Hulp. Mijn lichaam is inmiddels flink uitgedroogd en de nierfunctie is nog slechter geworden. Het gaat zelfs zo slecht dat een opname onvermijdelijk blijkt. Voor ik het weet, lig ik in een ziekenhuiskamer.

