Bij deze post zijn twee soorten vervoer aftrekbaar: leefvervoer en ziekenvervoer.
Leefvervoer
Leefvervoer is dagelijks vervoer. Bijvoorbeeld voor familiebezoek of boodschappen doen. Hierbij geldt een vaste aftrek van € 925 per persoon. Voorwaarde is dat die persoon niet meer dan 100 meter zelfstandig te voet kan afleggen. Te voet betekent: zelf lopen, zo nodig met eenvoudige loophulpmiddelen zoals krukken, een stok of een rollator. Deze voorwaarde geldt bijvoorbeeld ook voor een gehandicaptenparkeerkaart. Iedereen met zo’n parkeerkaart kan dus zonder meer gebruik maken van de vaste aftrek voor leefvervoer.
REGELING VERANDERD
Let op, dit is een andere regeling dan voorheen. Tot en met het belastingjaar 2024 moest je voor de aftrek van leefvervoer een uitgebreide administratie bijhouden van je vervoerskosten. Dat hoeft nu niet meer. Het nadeel is dat de aftrek beperkt is tot de vaste aftrek van € 925 per persoon. Meer kun je niet aftrekken. Ook niet als je aantoonbaar veel meer kosten maakt voor je leefvervoer.
Ziekenvervoer
Ziekenvervoer is al het vervoer van en naar medische en paramedische behandelingen. Denk aan je huisarts, apotheek, fysiotherapeut, tandarts, ziekenhuis, revalidatiecentrum of centrum voor dialyse.
- Reis je met het openbaar vervoer of neem je een taxi, dan zijn deze kosten volledig aftrekbaar, als ze aantoonbaar voor jouw eigen rekening komen.
- Reis je met jouw eigen auto, dan kun je € 0,23 per kilometer aftrekken. Parkeerkosten zijn niet aftrekbaar. Deze aftrek geldt alleen als je geen vergoeding kreeg voor ziekenvervoer.
REGELING VERANDERD
Let op, dit is een andere regeling dan voorheen. Tot en met het belastingjaar 2024 kon je bij de aftrek van ziekenvervoer de werkelijke kosten voor het vervoer per auto aftrekken. Parkeerkosten mocht je daar nog bij optellen. Die regeling geldt nu niet meer. De aftrek is beperkt tot een standaardbedrag van € 0,23 per kilometer, inclusief parkeerkosten.
Reiskosten voor ziekenbezoek
Reiskosten voor ziekenbezoek zijn aftrekbaar als zorgkosten, als het gaat om regelmatig ziekenbezoek aan een (voormalige) huisgenoot die minstens 10 kilometer verderop langdurig (meer dan vier weken) verpleegd wordt. Reis je per openbaar vervoerof taxi, dan zijn die kosten volledigaftrekbaar. Bij eigen vervoer geldt een vast aftrekbedrag van € 0,23 per kilometer.
Het moet gaan om ziekenbezoek aan iemand die tot hetzelfde huishouden behoorde op het moment dat hij langdurig in een zorginstelling werd opgenomen. Gebeurde dat pas later, bijvoorbeeld op het moment dat jij (als kind) al het huis uit was of (als gescheiden ouder) al ergens anders was gaan wonen, dan kun je geen reiskosten voor ziekenbezoek aftrekken.
REGELING VERANDERD
Let op: dit is een andere regeling dan voorheen. Tot en met het belastingjaar 2024 gold als regel dat de aandoening die de reden is voor de opname ontstaan moest zijn op het moment dat jij en die ander tot hetzelfde huishouden behoorden. De nieuwe regel is dat de opname zelf plaats moet hebben op het moment dat je tot hetzelfde huishouden behoort.
Vergoeding voor ziekenvervoer: dan geen aftrek
Voor vervoer naar een dialysecentrum en terug geldt een vergoedingsregeling via je zorgverzekeraar. Reis je met het openbaar vervoer, ambulance of met een taxi, dan krijg je de kosten volledig vergoed. Reis je met je eigen auto, dan gold in 2025 een vergoeding van € 0,40 per kilometer, minus een eigen betaling van € 126 per jaar. Omdat deze kilometervergoeding hoger is dan het maximaal aftrekbare bedrag
(€ 0,23 per kilometer) en eigen betalingen nooit aftrekbaar zijn, blijft er in de praktijk geen mogelijkheid over om aftrek te claimen voor deze kosten. Ook niet als jouw auto aantoonbaar meer kost van de vergoeding van € 0,40 per kilometer.